Prikkeldraadmannen
Prikkeldraadmannen doen hun ogen nooit open.
Als ze zich scheren doen ze dat
met het mes van de ander.
Ze staan voor
die spiegel maar zien niets.
Er valt niets aan hen in te zepen,
de gedachtes, de kleren: brandschoon,
hun kaaklijnen
gaan in rook op
als er een grap verteld wordt.
Slapen doen ze
niet
omdat hun wenkbrauwen dan
aan het muiten zullen slaan.
Ze ademen traag
als wereldmachten
elke klinker ooit op hun huig verkracht
zal ooit, ver weg, samenscholen
onder een tl-lamp
of peertje
zullen liedjes gezongen worden
die zij niet horen kunnen
omdat ze hard op de vloer stampen
in versteend ongeloof.
M.H.Benders,
16-03-2006